Het einde van de wereld ligt vlakbij

LAND/REGIO: België en Frankrijk
LEEFTIJD KIND(EREN): 11 en 13 jaar
PERIODE: 2 weken


“Waarom twee dagen autorijden naar een verre vakantiebestemming?” “Waarom niet een keer thuis in Gent vertrekken, met de fiets?” Jan en Greet stellen het voor. Wannes (13) en Mirte (11) willen er voor gaan. Wannes op zijn eigen fiets en Mirte achterop de tandem. Nog een route zoeken en een fietskarretje op de kop tikken en de alternatieve vakantie kan beginnen.

 

Naar de grootouders in de Vlaamse Ardennen is een logische eerste etappe. De vertrouwde Buyssemolen van Sint-Antelinks mag mee op de officiële startfoto. Maar dan gaat het resoluut zuidwaarts, dwars door Henegouwen Frankrijk binnen. En kijk, net over de grens stopt het zowaar met regenen en komt de zon te voorschijn!

In de voorbereiding is heel veel tijd gestoken. Via ECEAT ontdekken we een ecologisch verblijfsadresje in Dolignon, een klein dorpje in het oosten van Picardië. Ideaal voor een paar rustdagen. De familistère in Guise en het oorlogsmuseum in Péronne willen we zeker bezoeken. En het natuurgebied in de baai van de Somme ook. Met die elementen puzzelen we een route in elkaar en zoeken we chambres d’hôtes. Allons-y!

Met de hulp van Google Maps en kaarten van de regio weven we kleine autoluwe wegen, stukjes voies vertes en jaagpaden aan elkaar. Twijfelgevallen zijn gecheckt met Google Street View. Tandem en fietskar moeten er ook door!

Een onverhard stuk door een bos neemt misschien wat meer tijd, maar is zo veel leuker. Al gaan niet alle gezinsleden altijd akkoord met deze stelling…

In Picardië bekruipt ons soms het gevoel dat we aan ‘het einde van de wereld’ beland zijn. Kilometers lang fietsen we door bossen en velden, alleen, op een verdwaalde mountainbiker na. Ooit was dit een welvarende streek, getuige daarvan de vele versterkte kerken in de kleine dorpjes.

Na enkele dagen hebben we de juiste ‘formule’ beet: een tempo van 10 km/u, pauzes en onverwachte gebeurtenissen inbegrepen. Bij de afstanden uit onze voorbereiding tellen we inmiddels 10% bij: een onberijdbare bosweg, zoeken naar een kruidenier, een ommetje voor een bezienswaardigheid of gewoon even verkeerd rijden. Zo komen we aan ritten van 55 tot 80 km per dag.

Wanneer de trapas van de tandem loskomt, is het vervolg van de vakantie even een groot vraagteken. Gelukkig verschijnt een deus ex machina in de vorm van een … witte Renault. De juiste sleutel wordt opgehaald in de garage en we krijgen een lesje fietstechniek. Voor de rest hebben we maar één platte band. “Pang”, zegt die, vlak naast een oorlogskerkhof.

Het herdenkingsmuseum van de Groote Oorlog in Péronne is een topper. Vier jaar oorlogswaanzin worden niet alleen vanuit Franse hoek belicht, maar ook vanuit Engelse en … Duitse! Een zaal met fronttekeningen van een Duitse soldaat-kunstenaar maakt ons stil.

In Noord-Frankrijk wemelt het van kaarsrechte kanalen én jaagpaden. Rustig en mooi, maar op den duur een beetje saai. Dan is de meanderende Somme tussen Péronne en Amiens een echte verademing. Met als apotheose moerastuinen die tot in het hartje van de stad reiken.

Dit engeltje in de kathedraal van Amiens is 100 jaar geleden letterlijk de wereld rondgegaan op een postkaartje dat soldaten massaal naar huis stuurden om te vertellen dat ze (voorlopig) nog leefden.

In het natuurgebied rond de monding van de Somme spotten we lepelaars en zelfs één kraanvogel. Maar achteraf horen we dat het beestje hier 20 jaar geleden strandde met een gekwetste vleugel en zich dan maar gesetteld heeft…

We gaan zeekraal plukken, de ‘spinazie van de zee’ en maken er heerlijke gerechten mee.

Opgelet, deze fiets is niet bedoeld om te fietsen, maar om zakken verse zeekraal over het strand te transporteren.

Het pittigste stuk blijken we voor het einde bewaard te hebben: wind op kop wanneer we noordwaarts de baai van de Somme verlaten en een geaccidenteerd parcours in de omgeving van Boulogne-Sur-Mer. Een jonge Franse kater, achtergelaten in het Fôret-de-Boulogne, mag mee en geeft ons de nodige energie om een tandje bij te steken op de nijdige hellingen.

Tijdens de afsluitende treinrit van De Panne naar Gent maken we wat sommetjes: elf fietsdagen en nog een aantal rust- en wandeldagen, goed voor 800 gefietste kilometers. Maar vooral een avontuur met veel onvergetelijke indrukken en impressies. En we hebben er een huisgenoot bij!

 

 

Tekst en foto’s: Jan, Greet, Wannes en Mirte Boonaert
Bron: Op Weg 2014 6